Nieuwe landelijke richtlijn BRMO per 1 juni ingevoerd in de regio
Ziekenhuizen en langdurige zorginstellingen in Noord-Nederland hebben in een unieke samenwerking tegelijk de nieuwe landelijke richtlijn voor BRMO ingevoerd. Door deze richtlijn, die sinds 1 juni in onze regio van kracht is, is veranderd hoe wordt omgegaan met resistente bacteriën: sommige bacteriën worden niet langer als BRMO beschouwd.
Volgens Carolien Vrijburg, deskundige infectiepreventie bij Noorderbreedte, Frisius MC en Alliade, zijn voor een deel van de patiënten en bewoners voortaan minder strenge maatregelen nodig. “Goede basishygiëne is voldoende. Dat is goed nieuws.” De betrokkenen – en ook hun huisarts – zijn inmiddels geïnformeerd en waar nodig ‘ontlabeld’, met behulp van gegevens van laboratorium Certe.
Coördinatie vanuit het NIO
De implementatie werd gecoördineerd vanuit het NIO (Noordelijk Infectiepreventie Overleg). Een tijdelijke BRMO-werkgroep werd opgericht met professionals uit de hele regio: deskundigen infectiepreventie, artsen-microbioloog, een medisch epidemioloog en een medisch data-analist. De werkgroep kreeg het mandaat om gezamenlijk beleid op te stellen voor uniformering in de regio en voor het uitvoeren van de communicatie naar patiënten, bewoners en (huis)artsen. Vrijburg en haar collega DI zorgden in hun eigen instelling voor een nieuwe werkinstructie BRMO. “Het bleek nog een brug te ver voor een gezamenlijke werkinstructie, daarvoor zijn de verschillen nog te groot. Wie weet kan dat in de toekomst wel.”
“Dit implementatietraject is een schitterend voorbeeld van regionale samenwerking vanuit het AMRZNN. Vijf jaar geleden was dit ondenkbaar,” zegt Matthijs Berends, medisch epidemioloog-microbioloog (UMCG en Certe) en voorzitter van de werkgroep. “Dankzij ieders rol in het netwerk, korte lijnen en de bereidheid om samen op te trekken is het gelukt.” Vrijburg voegt toe over de eerste en tweede zorglijn: “Dit traject was ook alleen mogelijk omdat Certe de hele regio bestrijkt.” Ook het UMCG was betrokken het gezamenlijke project.
Berends besluit: “Het was een flinke klus, maar door de gezamenlijke aanpak en de sterke wens om het samen te doen, is het in relatief korte tijd gelukt – dat is echt uniek en daar kunnen we met z’n allen trots op zijn. We hebben een lastige nieuwe richtlijn weten te implementeren voor alle 1,8 miljoen Noordelingen tegelijk.”
Deel dit nieuwsbericht
Terug naar overzicht